Wisselen tijdens de wedstrijd
Bij de F en E pupillen speel je in principe 7 tegen 7 en vaak heb één,twee of zelfs drie wissels. Het wisselen is vaak een drukke bedoening zeker als je ook nog in je eentje moet coachen, dan wil je de tijd nog wel eens vergeten. Het wisselen is best nog wel lastig want je wilt aan de ene kant dat iedereen aan de beurt komt en maar je wilt ook zo wisselen dat je zo lang mogelijk in de sterkste opstelling speelt.
Daarnaast heb je te maken dat je lang niet iedereen overal kunt opstellen. Een uitgesproken aanvaller word geen verdediger en vice versa. Daarom is het belangrijk om voor de wedstrijd in de kleedkamer even de opstelling door te nemen. Daarnaast kun je een schema opstellen waarbij je vaste spelers met elkaar wisselt. Er zijn altijd wel twee of drie spelers die je niet tegelijk wilt wisselen omdat zij de steunpilaren zijn in het veld.
Er zijn wel eens uitzonderingen dat je met meer dan 7 spelers wilt spelen, bijvoorbeeld als het heel erg koud is en je veel wisselspelers hebt. Die jongens wil je niet allemaal in de kou laten staan. In samenspraak met de coach van de tegenstander en natuurlijk de scheidsrechter kun je bepalen om met meer te spelen. Let op indien je meer dan 8 tegen 8 gaat spelen dan wordt het te vol in het veld en komt het het spel van de jongens niet ten goede. Indien het kan bijvoorkeur 7 tegen 7.
Hoelang staat een speler reserve
Natuurlijk wil iedere voetballer zolang mogelijk spelen hoe jong ze ook zijn. De ene speler wissel je wat vaker dan de ander maar meestal één of twee keer en dan maximaal 5 a 7 minuten langs de kant.


